By using this site, you agree that we're using cookies to save preferences and for telemetry data such as Google Analytics.

Indicative - Aantonende wijs

Present Perfect
Past Perfect
Future Perfect
ik leer aan
jij leert aan
hij leert aan
wij leren aan
jullie leren aan
zij leren aan
ik heb aangeleerd
jij hebt aangeleerd
hij heeft aangeleerd
wij hebben aangeleerd
jullie hebben aangeleerd
zij hebben aangeleerd
ik leerde aan
jij leerde aan
hij leerde aan
wij leerden aan
jullie leerden aan
zij leerden aan
ik had aangeleerd
jij had aangeleerd
hij had aangeleerd
wij hadden aangeleerd
jullie hadden aangeleerd
zij hadden aangeleerd
ik zal aanleren
jij zult aanleren
hij zal aanleren
wij zullen aanleren
jullie zullen aanleren
zij zullen aanleren
ik zal aangeleerd hebben
jij zult aangeleerd hebben
hij zal aangeleerd hebben
wij zullen aangeleerd hebben
jullie zullen aangeleerd hebben
zij zullen aangeleerd hebben


ik zou aanleren
jij zou aanleren
hij zou aanleren
wij zouden aanleren
jullie zouden aanleren
zij zouden aanleren
ik zou aangeleerd hebben
jij zou aangeleerd hebben
hij zou aangeleerd hebben
wij zouden aangeleerd hebben
jullie zouden aangeleerd hebben
zij zouden aangeleerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jij leer aan

← Conjugate another Dutch verb

Reji icon

Learn languages with Reji.

One-time purchase for a reasonable price.
No subscriptions, no hidden costs.

How about Android?

Reji's not available for Android yet. You can leave your email.
We'll let you know when it's available!

Let's stay in touch

Follow us on Twitter or Facebook to get bites of usefulness about language learning and Reji tips and tricks.