By using this site, you agree that we're using cookies to save preferences and for telemetry data such as Google Analytics.

Indicative - Aantonende wijs

Present
Present Perfect
Past
Past Perfect
Future
Future Perfect
ik cesseer
jij cesseert
hij cesseert
wij cesseren
jullie cesseren
zij cesseren
ik heb gecesseerd
jij hebt gecesseerd
hij heeft gecesseerd
wij hebben gecesseerd
jullie hebben gecesseerd
zij hebben gecesseerd
ik cesseerde
jij cesseerde
hij cesseerde
wij cesseerden
jullie cesseerden
zij cesseerden
ik had gecesseerd
jij had gecesseerd
hij had gecesseerd
wij hadden gecesseerd
jullie hadden gecesseerd
zij hadden gecesseerd
ik zal cesseren
jij zult cesseren
hij zal cesseren
wij zullen cesseren
jullie zullen cesseren
zij zullen cesseren
ik zal gecesseerd hebben
jij zult gecesseerd hebben
hij zal gecesseerd hebben
wij zullen gecesseerd hebben
jullie zullen gecesseerd hebben
zij zullen gecesseerd hebben

Conditional

Imperfect
Perfect
ik zou cesseren
jij zou cesseren
hij zou cesseren
wij zouden cesseren
jullie zouden cesseren
zij zouden cesseren
ik zou gecesseerd hebben
jij zou gecesseerd hebben
hij zou gecesseerd hebben
wij zouden gecesseerd hebben
jullie zouden gecesseerd hebben
zij zouden gecesseerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jij cesseer

← Conjugate another Dutch verb

Reji icon

Learn languages with Reji.

One-time purchase for a reasonable price.
No subscriptions, no hidden costs.

How about Android?

Reji's not available for Android yet. You can leave your email.
We'll let you know when it's available!

Let's stay in touch

Follow us on Twitter or Facebook to get bites of usefulness about language learning and Reji tips and tricks.