By using this site, you agree that we're using cookies to save preferences and for telemetry data such as Google Analytics.

Indicative - Aantonende wijs

Present Perfect
Past Perfect
Future Perfect
ik criminaliseer
jij criminaliseert
hij criminaliseert
wij criminaliseren
jullie criminaliseren
zij criminaliseren
ik heb gecriminaliseerd
jij hebt gecriminaliseerd
hij heeft gecriminaliseerd
wij hebben gecriminaliseerd
jullie hebben gecriminaliseerd
zij hebben gecriminaliseerd
ik criminaliseerde
jij criminaliseerde
hij criminaliseerde
wij criminaliseerden
jullie criminaliseerden
zij criminaliseerden
ik had gecriminaliseerd
jij had gecriminaliseerd
hij had gecriminaliseerd
wij hadden gecriminaliseerd
jullie hadden gecriminaliseerd
zij hadden gecriminaliseerd
ik zal criminaliseren
jij zult criminaliseren
hij zal criminaliseren
wij zullen criminaliseren
jullie zullen criminaliseren
zij zullen criminaliseren
ik zal gecriminaliseerd hebben
jij zult gecriminaliseerd hebben
hij zal gecriminaliseerd hebben
wij zullen gecriminaliseerd hebben
jullie zullen gecriminaliseerd hebben
zij zullen gecriminaliseerd hebben


ik zou criminaliseren
jij zou criminaliseren
hij zou criminaliseren
wij zouden criminaliseren
jullie zouden criminaliseren
zij zouden criminaliseren
ik zou gecriminaliseerd hebben
jij zou gecriminaliseerd hebben
hij zou gecriminaliseerd hebben
wij zouden gecriminaliseerd hebben
jullie zouden gecriminaliseerd hebben
zij zouden gecriminaliseerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jij criminaliseer

← Conjugate another Dutch verb

Reji icon

Learn languages with Reji.

One-time purchase for a reasonable price.
No subscriptions, no hidden costs.

How about Android?

Reji's not available for Android yet. You can leave your email.
We'll let you know when it's available!

Let's stay in touch

Follow us on Twitter or Facebook to get bites of usefulness about language learning and Reji tips and tricks.